Wie ben ik? | Gastenboek | Halve Marathoorn 2010, 9, 8, 6 | Wijkenlopen 2010, 9, 8, 7, 6 | Kloetloop: spierpijn speelt me parten | Schoorl 2010, 9, | Aartswoud: Dilemma in de kou | Kerstcross 2009, -8, -7, -6 en -5 | St. Georgecross 9, 8, 7, 6 | Helderse Duincross december 9, 8, 7, 6... | SAV crosslopen | Dijkgatsboscross | Nadine OK Run | Dam tot Damloop 2009 en eerder | Triatlon 2009: Geen gesmokkel! | Goed begin in Hem | Stoomtramloop: ontgoocheling | Halve van Hoorn 2009 | Beetskoogkadeloop 2009 | Kaagloop 2009, -8, -7 | Egmond 2009: Spannend met happy end | Eenhoornloop 2008 en eerder | Amsterdam halve marathon 5x | Lopen doet Hopen 2008 | Herculesloop Middenbeemster | Eerste Zandvoort Circuit Run | Polderloop Obdam 2008 en 2007 | Lou Coevert Loop | Westfriesgasthuisloop 2007 | Zes Engelse loodzware Mijlen in Zwaag | Koninginneloop 2006 | War Child Spinning Marathon | Looproutes in Hoorn | Lopen met gps | Blessures - Soms moet ook ik er aan geloven | Start to Run met het Noordhollands Dagblad! | Start to run 2 | Den Helder Maastricht 2004 | Den Helder-Maastricht 2003 | Eenhoorn- en Zevenheuvelenloop 2002 en 2001 | Eenhoornloop 2001 | Wijkenlopen | Sky Radio Run | Records en calculator | Fotoos | IJsselmeerloop 2000 | Looplinks | Het weer | Per ongeluk een perfecte halve marathon | Marijns kijk op de kerstcross 2006 | Marijns stoomtramloop | Zoekpagina | Marijn: Endorfine in Egmond | muziek | Rob en Mieke in Egmond

Een slavendrijver in Spierdijk

Lekker helder weer, zonnetje, je kunt je zondag 13 december bijna geen drassige weilanden voorstellen bij de St. Georgecross van 2009. Maar schijn kan bedriegen, zoals ik maar al te goed weet. Probleem is alleen dat je nooit tijd neemt om het van tevoren na te kijken. Dus trok ik voor de zekerheid de crossschoenen maar weer aan. Als je ze hebt wil je ze ook gebruiken, zei Ina Swinkels in de kantine van St. George. En gelijk heeft ze.

Vorige week had ik de duincross afgesloten met een vreemd gevoel in mijn rechter voetboog. Ik kan het niet veel beter uitleggen, het is een beetje beurse, licht pijnlijke plek aan het voorste begin van het voetgewelf. Hoe kom ik er aan? ,,Hoe kom je er af!'', zou mijn vader zeggen.
Ik heb afgelopen week niet getraind, en het pijnlijke gevoel werd langzaam minder, maar ik voel het deze zondag toch nog. Nou ja, het is niet heftig. Afwachten maar.
Het voelt koud, dus ik overweeg mijn jasje aan te houden, boven op mijn shirt met lange mouwen. Maar godzijdank bedenk ik me tijdig, want ik realiseerde me dat het vorige week ook als je eenmaal liep een stuk warmer was dan je zou willen. En dat bleek in Spierdijk ook zeker het geval. Dat wist ik al vlak na de start. Goede keus dus.
Het was een drukke boel vlak voor de start. Net had de man naast me met een blik op zijn hartslaghorloge nog verteld dat je nooit een 0 zult zien verschijnen (als laatste dat je in je leven ziet) omdat het volgens zijn informatie bij een slag of 28 al afgelopen is. Dat komt omdat je hart twee slagen geeft vlak achter elkaar, en als hij de tweede slag niet haalt is het afgelopen met de pompwerking. Of zoiets. Schijnt de reden te zijn dat mensen met een uiterst lage rusthartslag in hun slaap wel eens spontaan overlijden. Lekker praatje. Gelukkig is mijn hartslag relatief hoog, bedenk ik. En als rusthartslag had ik altijd zo'n beetje 48, toen ik dat nog opmat.
Afijn, we hollen door de straten en de dijk van de Wogmeer op. Daar blijkt al snel dat we voor de wind hebben. En het ís me toch warm! Zie dan maar eens een cruise control situatie te bereiken. Duurt zeker twintig minuten. Van de ene naar de andere dijk, soms behoorlijk zachte klei, het is weer een heel eind zeg. En dan onverwacht ook nog eens een paar hekken die om een of andere reden kennelijk niet open konden. Over hekken heen klimmen vind ik normaal al geen pretje, maar tijdens het lopen is het très irritante!
Vlak voor we langs de Braken gaan een tergens irritant schuin paadje vlak naast een aanlokkelijk verhard pad, waar we helaas niet op mogen.
Vlak voor de afslag van de weg Wogmeer, waar ons een kleine kilometer asfalt wacht, ligt een berg aarde. Even slaat de schrik me om het hart. Ze zullen toch niet bedacht hebben dat ze op deze manier een extra uitdaging konden inbouwen? Maar we hoeven er gelukkig niet overheen, maar mogen er langs.
Op de Wogmeer passeert Marian Baas met een paar mannen langzaam. Ik ga er achter lopen, we hebben ten slotte tegen wind, maar het geeft niet veel luwte. Heb ik wel vaker, kan ik gewoon de goede positie niet vinden of zo.
Waar vorig jaar een maisveld met zuigende modder complete schoenen verzwolg, lag nu een keurig weilandje. Makkie. Ik begon er weer zin in te krijgen, want ik wist dat we nu in de eindfase raakten. Straks ga je weer op Spierdijk af en komt die kerk steeds dichterbij. Over het dijkje heen, waar achter me auto's mochten doorrijden. Zou ik zo'n gat hebben geslagen of zit er gewoon bijna niemand meer achter me?
Ik zwoeg door, af en toe bewust mijn handen en schouders ontspannend. Op ongeveer een kilometer voor de finish, vlak voor we uit het land komen, hoor ik achter me opeens een soort slavendrijver die een of meer lopers zit op te jutten. Kom op, kom op! Yes you can! Nog een klein stukkie! Kom op! Zou hij op de mountainbike meerijden of zo? Aanmoedigen is leuk, maar dit leek het leger wel. Op een of andere manier brengt dat bij mij ook een soort spanning teweeg. Ik wilde ze al bijna voorbij laten gaan om er maar vanaf te zijn. ,,Zie je die kale, die pakken we nog'', hoor ik. Je bedoelt toch niet mij hè, vraag ik bij wijze van grap. ,,Nee, die voor je, zegt de slavendrijver, die later een loper van Hera blijkt te zijn.
Ze komen me niet voorbij, in plaats daarvan versnel ik zodra ik op verharde weg ben en maak me op voor de eindsprint. Ik passeer voor ik 43.44 laat noteren 'die kale' en zowaar ook nog Marian Baas, die me later toevertrouwt dat ze naar Keulen was geweest om te kerstshoppen en daarbij de nodig schnapps had genuttigd. Ik vroeg me al af waarom ik haar inhaalde, want zij heeft meestal op bij voorbeeld een halve marathon net wat meer ausdauer dan ik als ik me niet vergis.Over halve marathon gesproken, dat was volgens de 'Hera-coach' het tempo dat hij zijn discipel wilde opleggen. zo'n 12 km per uur. Ik kon niet navragen of zijn volgeling de aanmoedigingen op prijs hadden gesteld. Het lijdend voorwerp was al weg. Maar ik was blij dat ik het niet was.

Reactie?

Schrijf in het gastenboek

 of mail:

 molenaar@loopt.nl


St. Georgecross 2008:

Maisveldslag loopt goed af


  
Ja, ik weet het, m´n nummer hangt scheef.... (Foto Marcel Rob)

Eerlijk gezegd was ik lichtelijk teleurgesteld toen bleek dat ik mijn crossschoenen  beter niet kon gebruiken tijdens de St. Georgecross op 14 december 2008. Want juist in de Spierdijker modder had ik vorig jaar het besluit genomen dat ik toch echt niet zonder noppen kan crossen. Om grip te krijgen waar anderen doelloos rondglibberen. Koersvast te zijn in deze agrarische modderzee. 

Maar nee, zal je net zien, deze zondag had het licht gevroren en hoewel ik zelf had verwacht dat dit wel een heel dun laagje zou zijn, een vliesje op de zuigende aardepap, hoorde ik in de kleedkamer dat de grond echt hard was. Van mensen die een flink stuk hadden verkend. Iets waar ik nooit aan toekom, waardoor ik altijd gretig informeer naar de ervaringen van anderen. Doordat de grond hard was werd afgeraden op smalle crosschoenen te lopen. Dat zou moordend zijn voor je enkels.

Ik had er al rekening mee gehouden en een paar oude maar nog bruikbare Asics meegenomen. Die trok ik dus maar aan. Ik bedacht me dat van de ruim acht toch een paar kilometer over asfalt ging en ook daar is het beter lopen op verend schoeisel. Met lede ogen keek ik naar de startklare oranjeblauwe geweldenaren in mijn sporttas, voor ik de rits dichttrok. Sorry jongens.

Mijn conditie was twijfelachtig. De training had ik woensdagavond maar afgebroken na een uurtje, omdat ik gewoon moe was. De eerste ronde te hard gelopen met de 'grote jongens' mee? Te druk op mijn werk? Iets onder de leden dat zich nog niet wil openbaren? Wie zal het zeggen. Maar hoewel ik weekeinddienst had en genoeg te doen, kon ik de neiging weerstaan deze St. Georgecross maar over te slaan. Daarvoor is-ie te leuk. Dus liep ik, de bedrijfs-gsm paraat in de heupgordel, in Spierdijk. Waar ik verschillende leden van de loopgroep Hoorn tegenkwam, die ik triomfantelijk mijn clubshirt toonde. Het ontbreken daarvan in Den Helder was sommigen opgevallen, getuige opmerkingen bij een foto op de clubsite, dus ik had er werk van gemaakt in elk geval dat loopgroepgeel in mijn tas te stoppen. Daar kon het dus niet aan liggen. 

Aangezien er een aantal 'gelen' op de voorste lijn bij de start stonden ging ik daar voor een keer ook maar bij staan, na heel kort te hebben ingelopen en gerekt. Is weer eens wat anders, zo vooraan. Een minuut later stond ik, omdat iedereen achter de lijn moest gaan staan en slimmerikken zich aan de voorkant bij de startstreek meldden, op rij 8. Maar maakte allemaal niet uit, want snel starten doe ik toch niet.

Dat kwam helemaal uit. Ik had het de eerste drie kilometer uitzonderlijk moeilijk. Ook omdat ik bang was dat ik het gevoel dat ik bij de training had terug zou krijgen. Ik had er op dat moment een hard hoofd in of het wel zou lukken. Kon mijn gedachten moeilijk verzetten naar iets anders dan faalangstige gevoelens. Voor de start was ik bang dat iemand me zou bellen terwijl ik onderweg was, maar nu begon ik warempel te hopen dat ik werd gebeld, Kon ik tenminste even rusten. Maar er belde natuurlijk niemand, zal je net zien.


Route St. Georgecross. Had jij in de gaten dat je zo´n lang stuk loopt waar je heen ook al liep?

De dijk langs de Wogmeer viel me qua ondergrond mee. Op veel plekken was het  inderdaad hard. Achter me had ik al een tijdje een hijgster. Ghi-gha, ghi-gha, hoe houdt iemand het vol die zo klinkt? Maar mooi dat ze me wel voorbijging, een loopster van Hera zo te zien. Blij dat ze voorbij was.

Voor we het stuk langs de Braken in de fietspadberm gaan lopen, waar mijn ademhaling eindelijk in het gareel kwam, komt Jacques Beemsterboer me al voorbij. Die loopt hard. Hij zou drie kilometer op me uitlopen. Het asfalt van de Wogmeer gebruik ik om even bij te komen. Ik neem een slok uit het flesje water dat ik niet nodig, maar wel mee heb. Straks komt het stuk over dat stoppelland, bedenk ik. Maar wat schetst mijn verbazing. De stoppels zijn groot geworden. Daar moet het smalle maaipad zijn waar de speaker het over had. Ik vroeg me al af waar dat bleef, zag nergens hoog gras. Maar het was dus in het mais. Terwijl ik het veld naderde dacht ik aan een soort doolhof en ik stelde me voor dat ik voor de gein ergens van dat kronkelpad af zou wijken en dat ze dan achter me allemaal mij zouden volgen zoals een auto in de mist aan de achterlichten van zijn voorganger 'hangt'. Hoe zou ik dan ongezien kunnen afbuigen naar de juiste route, zodat de meute achter me doelloos verdwaald in het maisveld achterbleef? Het antwoord hoefde ik niet meer te bedenken want ik zag inmiddels hoe het pad werkelijk liep. Pal langs de sloot. Ik had niet direct door dat het een maisveldslag zou worden. Toen het modderig werd dacht ik slim te zijn door op de zijkant over de schuin vlak liggende maisplanten te lopen zodat ik niet wegzakte. Maar dat was geen doen, zodat ik vervolgens de slootkant verkoos. Liep ook voor geen meter en was nog gevaarlijk ook wat uitglijden betreft, zo vlak bij het water, dus verkoos ik het midden. Inmiddels verdiende het pad die naam niet meer, het was meer een lang uitgerekt modderbad. Om me heen hoorde ik vloeken. Iemand heeft er nog een schoen gezien die een eerdere loper had achtergelaten, maar mij is hij ontgaan. In mijn ooghoek leek het of een man een kleine vrouw of meisje op zijn rug nam, maar ik kon niet opzij kijken omdat ik overeind moest blijven. Uiteindelijk koos ik ervoor om dwars door de blubber heen te gaan, mezelf licht makend voor zover mogelijk, ging nog niet eens zo gek. Godzijdank was het al snel voorbij en kon ik bijkomen in 'gewoon' weiland. De opgang naar de dijk nam ik zo langzaam dat een trainerachtig type in dik blauw pak mij toeriep dat ik nóóit moest gaan wandelen. ,,Nou....'', begon ik, maar ik kon zo gauw niets bijdehands bedenken. Ook het vervolg speelde zich af op gladde modder. Achteraf gezien had ik halverwege de gelegenheid moeten hebben van schoenen te wisselen, net als bij een triatlon, maar wie doet dat? Waar blijven die schoenen waarbij je met een afstandsbediening naar believen de spikes uit je zolen tevoorschijn kunt toveren. Meneer Asics, Nike of New Balance, wilt u daar eens even naar kijken?


Drama langs het maisveld, 8.41 minuten per kilometer, nou dan heb je een lekker tempo te pakken....

Het laatste stuk gaat mooi vlak. Een loper die me op het laatst was voorbijgegaan haal ik in de laatste honderden meters – geheel volgens de molenaartraditie – nog even in. 43 minuut 9, noteert de mevrouw bij de finish. Nummer 174 van de 232 op deze 8,2 kilometer.

Als ik uitgerust ben kom ik Gerard Warnaar tegen. Als ik hem vertel over de zware eerste kilometers adviseert hij langer inlopen. Maar dat is toch zonde van de energie als ik eerst drie kilometer ga inlopen?, werp ik tegen. Hij antwoordt dat ik toch ook zonder problemen 16 km loop? ,,Wanneer zou je dan moe worden?'' Tegen zo veel nuchtere West-Friese logica kan ik niet op, dus wie weet, bij de kerstcross..... 

Reactie?

Schrijf in het gastenboek

 of mail:

 molenaar@loopt.nl



 

2007:
Gras geeft grip, maar
verder blijft het
modderen 

9 december 2007
Gezien de visioenen van randmeren op de plek waar je weilanden zou verwachten viel het nog mee: de editie 2007 van de St. Georgecross. Het gras gaf grip, maar modder was er te over. En aangezien ik op de modderige plekken letterlijk alle kanten op gleed (gelukkig ook de goede) is het moment niet ver meer dat ik toch echt cross-schoenen moet gaan kopen.

Maar ja, welke, is dan de vraag. Langs het voetbalveld in Spierdijk tref ik een jongedame die haar benen rekt na het inlopen. Zij heeft beschaafde wit-rode schoenen aan, eerder sneakers dan loopschoenen. Op de zool zie ik rechthoekige nopjes. Aha, modieuze crosschoenen bestaan dus ook. Als ik er een vraag over stel zegt ze normaal op field-dancers te lopen (geen idee of ik dat goed verstaan heb), maar dat ze nu deze heeft. 'Omdat we nu door Nike gesponsord worden'. Pardon? 'We'? 'Gesponsord'? Ze lacht haar tandjuweel bloot en vertelt dat ze bij Team Distance Runners hoort, en dan herken ik het subtiele TDR op haar trainingspak. Aha, daar heb ik wel eens van gehoord. Dat is die groep talentvolle renners. Hoe ze dan heet? Barbara Zutt. Ik wens haar succes en beloof in de uitslagen te kijken hoe het gegaan is.

Met Ruud Degeling, Mensendiecktherapeut en bewegingsspecialist uit Hoorn, loop ik kort in. Hij loopt - hoorbaar - op spikes. Meer grip, maar lastiger bij crossen waar openbare weg in het parcours zit. Zoals bij de St. Georgecross toch wel zeker twee kilometer verhard is. Dat is altijd een afweging. ,,Ik probeer dan in de berm te lopen'', zegt Ruud. ,,Ik denk dat het bij deze loop toch al gauw een paar minuten scheelt.''

Ondertussen wordt het snel later dan je denkt. Dus ik breng mijn jasje naar de auto en ga snel naar de groep bij de startlijn, wetend dat ik nog een paar minuten heb om de belangrijkste spiergroepen te rekken. Niet dus. De speaker, die net van alles heeft verteld over een hindernis in het parcours (wat ik helaas niet heb verstaan), heeft het over een fotograaf die we onderweg tegenkomen of zoiets als pang! Het startschot valt. Niks aftellen, lópen met die hap. De meute aarzelt geen moment en weg zijn we.

In een flits schiet door me heen dat ik alleen mijn rechter kuitspier heb gerekt, en dan nog alleen de oppervlakkige. Maar goed, we lopen door de straten die ik inmiddels ken, en gaan al snel de dijk op. Langs de randen van de Wogmeer. Ik vrees het ergste, maar zie nog geen watervlaktes, behalve de sloot naast me. Wel moet ik goed opletten waar ik de meeste grip heb. Gras opzoeken dus, vaak net naast het spoor waar de meesten lopen. Soms loop ik voor mijn gevoel met mijn rechter been half in het dijkje. Af en toe zwalk ik over het spoor heen. Elke modderige dampassage is een spannend moment. Overeind blijven!



Geconcentreerd werkend kijk ik niet veel om me heen. Ik let vooral op de minst vochtige plekken, om mijn voeten te plaatsen. Want liefst haal ik niet direct natte voeten. Om me heen hoor ik gehijg en ik merk dat ik links en rechts word ingehaald. Dat krijg je er nu van als je niet achterin, maar halverwege start...

,,Six foot tall, came without a warning, so I had to shoot him dead'', zingt Maroon 5 (Wake Up Call) in mijn hoofd. Vraag niet hoe ik er aan kom, het ontstaat vanuit een ademhalingsritme en zal wel iets te maken hebben met iets wat ik vers op de radio heb gehoord. Toch heeft het iets opzwepends: ,,You don't care about me anymore. Care about me?
I dont think so!''

Langs de Braken in het gras lopend, soms springend over een plas, druk ik mijn gps in op 4 km, wat ongeveer de helft moet zijn. Ik heb 20 minuut 19 afgelegd, meldt-ie. Ik heb het zwaar, maar kan even later heerlijk op adem komen terwijl we op de Wogmeer met de wind in de rug lopen, terwijl na het regenbuitje wat we net hebben gehad zelfs de zon gaat schijnen. Op slag is het warm. Ik stroop mijn lange mouwen op en zeg tegen een loopster die ik langzaam passeer dat dit een stuk lekkerder loopt. Andere koek dan de Stoomtramloop, wil ik ook nog zeggen, omdat ik haar daarvan herken, maar ik heb even geen puf om de indruk te wekken dat ik een gesprek wil aanknopen. Ben eerder blij dat ik ontspannen lopend even op adem kan komen. Want ik weet dat het ergste nog komt. De scherprechter, de drassige weilanden. ,,Het toetje komt nog'', zeg ik nog wel. Ze zegt iets terug wat ik niet meer versta.

Dan stort ik me de modderige velden in, plassen ontwijkend op een soort slingerende route langs de piketpaaltjes. Helemaal in de verte zie ik al lopers Spierdijk naderen. Ik kijk op mijn horloge. 28 Minuten, dan kan de winnaar er al zijn, denk ik. Ergens hier moet ik voor mezelf hebben besloten mijn grip te verhogen door mijn voeten voortaan schuin te plaatsen. Zodanig dat ik met mijn binnenste hakken in de modder druk. Zo zou Charlie Chaplin hebben hardgelopen, grinnik ik in mezelf. Ondertussen vraag ik me af of dit geen kwalijke gevolgen voor mijn knieën zal hebben. Waar ben ik mee bezig? Ik wil noppen!
Zou er geen systeem te bedenken zijn waarbij je de spikes onder je schoen aanbrengt? Zoals er voor gewone schoenen in de winter ook sneeuwijzers met elastieken zijn? Dan kun je zelfs onderweg steeds de geëigende zoolsoort kiezen! Waar je al niet over nadenkt terwijl je voortploetert.

De laatste kilometers. Het kost me moeite niet uit te glijden. Op een dammetje gebeurt dat alsnog. Ik vang me op met twee handen, kan een kreet niet onderdrukken. Dan loop ik op gras en meen me te herinneren dat dit zo zal blijven. Ik verhoog enigszins opgelucht mijn tempo. We gaan niet rechtdoor over de tijdelijke brug het voetbalveld op, zoals ik me van vorig jaar herinner, maar linksaf de verharde route terug. ik vind het prima. Lekker zelfs. Het ergste is al lang achter de rug. ik zet aan, haal er nog een paar in, sprint en finish. In 42.18, ruim twee minuten langzamer dan vorig jaar, maar daar waren de omstandigheden dan ook naar.
Na een verfrissende douche kom ik in de kantine van St. George Barbara Zutt weer tegen. Haar trainingspak oogt nog onberispelijk, hoe is het mogelijk. Ze vertrouwt me toe dat ook noppen in dit moddergeweld glijpartijen niet kunnen voorkomen. Haar tijd? 32.18. Oeps.  Knap hoor.
Haar vader Johan is er ook. Deed het in 41 minuut 40. Da's dichter in mijn buurt. Gelukkig. In de uitslag sta ik uiteindelijk op 180e van de 244 die aan de 8,2 km deelnamen. De snelste? Ron van Diepen, 28 minuut 16. Onvoorstelbaar! Waar zou die op gelopen hebben? Op vleugeltjes??

 

De foto's zijn gemaakt door Roy Gorres. Prachtige platen. Bedankt, Roy!

Reactie?

Schrijf in het gastenboek

 of mail:

 molenaar@loopt.nl


 

2006:
dijken maken het draaglijk

 

De laatste cross van crosscircuit.nl was er eentje om in te lijsten. Eentje waar alles goed ging, onder een prachtige herfstzon in het behoorlijk landelijke Spierdijk. Wat wil een mens nog meer?

>

 

Op tijd aanwezig, na het duinzand van vorige week uit mijn schoenen te hebben geveegd. Geen Born energiereep vooraf deze keer, de chocoladeletter van gisteren moet voldoende zijn. Want ik wil de tien kilo die er af is, er ook af houden, tenslotte. En Spierdijk, waar mijn goede vriendin Sonja B. woont (al kent ze me niet) is niet de plek waar ik ga zondigen.

Wel grappig dat een clubgenoot van Loopgroep Hoorn, wiens naam ik om voor de hand liggende redenen niet zal noemen, mij vroeg hoe ik dat gedaan had, dat afslanken. Want hij wilde er ook wel een paar kilo af, zei hij, slaand op een inderdaad aanwezig buikje. Hij kon niet vermoeden hoe belangrijk dat compliment voor mij was. Want een paar opmerkingen van andere clubgenoten afgelopen zomer (Zoals: ,,Hee, wat ik er af heb, heb jij er bij gekregen'') waren voor mij na de vakantie het startsein voor een dieet dat me tot de dag van vandaag uitstekend bevalt. Matig, gevarieerd, gezond. En dan mag zo'n chocoladeletter er best wel eens tussendoor. Vind ik.

 

Best fris

 

Inlopen ging goed, al had ik niet het gevoel dat ik echt warm werd, want het was best fris. Rekken, ook dynamisch, het hele lichaam voelde goed aan na het fitnessuur inclusief buikspiertraining dat ik gisteren aan de hardlooptraining vastplakte. Moet ik vaker doen!
Goed voornemen? Is niet de eerste keer…


Vlak voor de start sprak ik (eindelijk) met Esther Winter en Selina Tool, de twee organisatrices van het Crosscircuit. Wist niet hoe zij er uit zagen, en zij wisten dat niet precies van mij. Zo kun je elkaar lang mislopen. Letterlijk.

Ze hadden me eerder per mail gevraagd of het Noordhollands Dagblad de crossserie niet kon volgen zoals we in 2003/2004 met Start to Run hebben gedaan. Maar ik ben geen sportredacteur, dus ik ga er niet over. Maar ik zei wel dat ik nu van het crossen zodanig de smaak te pakken heb dat ik het misschien volgende keer wel zelf wil gaan verslaan. De cross in Spierdijk heeft daar niets aan veranderd. In tegendeel.

 

Wereldprestatie

 

 

We startten achterin. Waarom niet, ik loop toch niet voor een wereldprestatie, en ik wil niemand in de weg lopen die dat wel wil doen. Na een halve kilometer verharde weg gingen we al een dijk op. De Wogmeerdijk, begreep ik. Ik had geen idee hoe lang het zou duren voor we de zompige weiden in moesten. Die waar Spierdijkatletiek.nl het over had: 'helse veldloop over zompige weilanden'. Dat helse moet ergens vandaag komen, dus ik was op alles voorbereid. Versnelde niet te veel omdat ik er van uit ging dat het elk moment écht zou beginnen.

Maar we bleven over het dijkje lopen. Een, twee kilometer. Ik haalde Esther in, diezelfde Esther die door verschillende mensen onderweg was aangemoedigd. Ik zei dat ze kennelijk veel vrienden heeft en op een kwart zat. Hopelijk viel haar dat niet tegen, dat ze nog maar op een kwart zat.
We wensten elkaar succes.

 

Thuiswedstrijd

 

Selina, die ook al veel aanmoedingen kreeg ('Kom op Selina, thuiswedstrijd!') haalde ik ook in, op drie kilometer. Maar op vier kilometer, we liepen inmiddels in de berm langs de Braken volgens mij, kwam ze mij weer voorbij. Ik bleef in haar kielzog, benoemde haar ter plekke tot mijn haas. We draaiden linksaf de Wogmeer op. De weg dan, bedoel ik. Zeker een kilometer liepen we op een gerieflijke asfaltweg. Bij welke cross vindt je dat vandaag de dag? Ik voelde me heerlijk ontspannen lopen en nam de vrijheid om Selina, na een tijdje naast haar te hebben gelopen, opnieuw in te halen. Wetend dat ze mij straks weer voorbij zou komen, of niet. Dat is altijd spannend. Als je iemand inhaalt geef je je als het ware weer bloot. Moet je maar afwachten of je niet teruggepakt wordt.

 

Crosschoenen

 

En die kans was niet denkbeeldig, want ik had al gezien dat Selina noppen onder haar schoenen had. Crossschoenen. Logisch. Maar die van mij hadden dat niet en ik gleed alle kanten uit. Bedacht me uiteindelijk dat ik het beste niet te veel kracht op een voet kon zetten, en daartoe moest ik zorgen dat er minder afhing van elke stap. En dat bereik je door kleinere stappen te nemen. Dus dat deed ik, en ik versterkte het effect door met korte rukjes mijn handen mee te laten bewegen, waarna als vanzelf de tegenovergestelde voeten meegingen. Rechter hand en linker voet omhoog, linker hand en rechter voet omhoog, en zo voort.

 

Drassiger

 

In het weiland was het allemaal wat drassiger, en net als op de dijk moest je vooral bij dammetjes en andere nauwe doorgangen oppassen waar je liep, want vooral daar is de klei het zachtst en het diepst. Zo diep dat sommigen een schoen kwijtraakten, hoorde ik later. Er is een loper die met één schoen in de hand de laatste twee kilometer heeft gelopen.

Het zal op bijna zeven kilometer zijn geweest toen Selina mij weer inhaalde, maar ik was vastbesloten om haar niet te laten weglopen. Nog een kilometer te gaan, dat moest lukken. Maar ondertussen merkte ik wel dat ik langzaam krachten begon te verliezen. De ritmische ademhaling werd moeilijker vol te houden, maar ik wilde niet opgeven. Haalde Selina opnieuw in, en ging het laatste dijkje op. Hield voldoende in om een haakse bocht naar links te kunnen maken zonder op het tijdelijke bruggetje naar het St. Georgecomplex uit te glijden en zette een eindsprint in zodra ik het finishdoek in zicht kreeg. Bijna uitgeput kwam ik over de finish. 39 minuut 40. Officiële tijd 40.01, maar ik startte achterin. Goeie genade, wat had ik lekker gelopen! 

Reactie?

Schrijf in het gastenboek

 of mail:

 molenaar@loopt.nl