Wie ben ik? | Gastenboek | Halve Marathoorn 2010, 9, 8, 6 | Wijkenlopen 2010, 9, 8, 7, 6 | Kloetloop: spierpijn speelt me parten | Schoorl 2010, 9, | Aartswoud: Dilemma in de kou | Kerstcross 2009, -8, -7, -6 en -5 | St. Georgecross 9, 8, 7, 6 | Helderse Duincross december 9, 8, 7, 6... | SAV crosslopen | Dijkgatsboscross | Nadine OK Run | Dam tot Damloop 2009 en eerder | Triatlon 2009: Geen gesmokkel! | Goed begin in Hem | Stoomtramloop: ontgoocheling | Halve van Hoorn 2009 | Beetskoogkadeloop 2009 | Kaagloop 2009, -8, -7 | Egmond 2009: Spannend met happy end | Eenhoornloop 2008 en eerder | Amsterdam halve marathon 5x | Lopen doet Hopen 2008 | Herculesloop Middenbeemster | Eerste Zandvoort Circuit Run | Polderloop Obdam 2008 en 2007 | Lou Coevert Loop | Westfriesgasthuisloop 2007 | Zes Engelse loodzware Mijlen in Zwaag | Koninginneloop 2006 | War Child Spinning Marathon | Looproutes in Hoorn | Lopen met gps | Blessures - Soms moet ook ik er aan geloven | Start to Run met het Noordhollands Dagblad! | Start to run 2 | Den Helder Maastricht 2004 | Den Helder-Maastricht 2003 | Eenhoorn- en Zevenheuvelenloop 2002 en 2001 | Eenhoornloop 2001 | Wijkenlopen | Sky Radio Run | Records en calculator | Fotoos | IJsselmeerloop 2000 | Looplinks | Het weer | Per ongeluk een perfecte halve marathon | Marijns kijk op de kerstcross 2006 | Marijns stoomtramloop | Zoekpagina | Marijn: Endorfine in Egmond | muziek | Rob en Mieke in Egmond

 

Selina geeft je vleugels

Gelukkig wist ik hoe lang het nog ongeveer was, want ik was behoorlijk kapot in die laatste kilometers van de Duincross. Toch wist ik nog twee mannen voor te blijven die kennelijk de jacht op mij hadden geopend, met dank aan Selina Tool die me vierhonderd meter voor de finish waarschuwde dat 'ze' vlak achter me zaten. Dat gaf me vleugels die me hijgend – dat wel – met voorsprong over de streep brachten.


Lachend gaven we elkaar even later een hand. Ik schatte ze in op marinelui. In de veertig, kort haar, krachtige gestalten. Vrienden of goede collega's.

Een vertelde dat ze op me waren ingelopen en hadden gezien dat ik twee keer even wandelde in de duinen. ,,Niet eerlijk'', vonden zij de waarschuwing. Ik daarentegen vond het prima.


Ik wist niet dat ik het nog in me had, trouwens. Op het moment dat de laatste kilometer inging had ik net de tweede passage van de strandopgang achter de rug. Een mokerslag met rul zand, nadat je net heerlijk voor de wind op het strand was bijgekomen. Links, rechts, middendoor, het maakte niets uit. Zelfs de korte snelle pas die ik consequent probeerde toe te passen bij de vele heuveltjes in het parcours leek de martelgang hier niet draaglijker te maken. De laatste stappen van zand naar teer maakte ik met vertraagde beweging, volgens mij hing mijn tong uit mijn mond, maar ik was te moe om er op te letten.
Aan het eind, waar bij de eerste ronde Ina Swinkels me stond aan te moedigen, stonden en paar mensen van wie een vrouw de lopers moed insprak. ,,Eindelijk dat zand achter de rug. Nu nog een klein stukkie.''


De Duincross is voor mij de zwaarste van de onderdelen van het crosscircuit. Veel mensen vinden de St. Georgecross (volgende week in Spierdijk) de zwaarste, maar ik heb in Den Helder al enkele malen behoorlijk afgezien. Vorig jaar nog hing ik na afloop minutenlang in de touwen van een voetbaldoel, tot weinig meer in staat dan ontspannen.


Ditmaal leek het voor de verandering eens droog te blijven, bij de start op het terrein van de voetbalclub die zijn naam in eerdere jaren eer aandeed: Watervogels. De temperatuur was ook draaglijk, ik besloot zelfs alleen een shirt met korte mouwen te dragen. Mijn voorgangster Ina Swinkels had op basis van haar zes kilometer net verteld dat het in de duinen tegen wind zou zijn en dat je op het strand het best in het midden kon lopen.

In de duinen tegen wind, oei. Dat zou nog lastig worden met die heuvels daar. Als je het positief bekijkt zou zo'n heuvel bij tegenwind in de duinen een mooie windvanger moeten zijn, bedacht ik me, maar in de praktijk gaf dat slechts zelden een voordeel, zou later blijken.

Er zit een mooie variatie in het parcours van de Duincross. Asfaltpaden, bospaden, duinpaden, strand. Gooi het in een mixer, doe er een puist wind bij en je hebt: Den Helder. Ik kan het weten, want ik heb er op school gezeten.

Maar goed, al vrij snel begint het zachtjes te regenen. Ik vind het prima, want het geeft heerlijke verkoeling. Ik stel me zo voor dat de druppeltjes direct op mijn warme huid verdampen. Sisss. De automatische piloot heb ik al snel ingeschakeld. Wat voor me is loopt langzaam op me weg. In de tweede ronde heb ik af en toe het idee dat ik alleen loop. Straks raak ik de weg nog kwijt, denk ik bij mezelf. Maar in de tuinen krijg ik weer overzicht.


De achtervolgers...
Ik vind het zwaar, ben ook bang dat de bloedafname van eerder deze week het misschien moeilijker maakt. Zou niet mogen, er zitten vijf dagen tussen, maar toch. Gisteren bij de training liep ik ook een kilometer of negen in nat weer en harde wind en toen had ik het echt slecht. In Den Helder gaat het beter, maar het gevoel van lekker crossen heb ik – hoe zal ik het zeggen – niet continu. Ja, na afloop. Dan ben je weer het mannetje. Mijn horloge geeft na de flitsende finish 53.26 aan. Thuis eens kijken of ik ook relatief gezien nog wat heb klaargespeeld.

Reactie?

Schrijf in het gastenboek

 of mail:

 molenaar@loopt.nl

Een bed kan niet lekkerder zijn


Den Helder, 7 december 2008
Rondom hoor je wel eens wat en goed luisteren is het halve voorbereidingswerk.

 

Zo hoorde ik vlak voor de start van de Duincross in Den Helder iemand praten over plassen die even verderop lagen, waardoor ik als gewaarschuwd man lekker droog langs de kant kon blijven lopen. En iets eerder had ik een vrouw op het parkeerterrein tegen iemand anders horen zeggen dat je op het strand toch het beste de vloedlijn kon opzoeken, om een beetje harde grond onder de voeten te hebben. Onderweg daarheen hoorde ik datzelfde als goede raad voor iemand die achter me liep.

Eerlijk gezegd heb ik voor de start ook iemand omstandig horen uitleggen dat je best boven bij de duinenrij kan blijven lopen, maar ik durfde het niet aan.

En gelijk had ik, want het was al zwaar genoeg. Ik kon me nauwelijks voorstellen dat ik van tevoren zin had in deze duincross. Dat ik mezelf zag terwijl ik lekker tegen de duinen opstormde. Ik was even vergeten hoe zwaar hij ook alweer was, maar de herinneringen kwamen snel terug.
Niet direct. Eerst kun je lekker relaxed lopen over paden en door het bos. Ik had wel even het idee dat ik te snel van start was gegaan, maar bij gebrek aan gps horloge (in reparatie) kon ik dat niet checken. Ik moest helemaal op gevoel gaan en ik moet zeggen, dat gevoel krijgt het lastig als je in de duinen komt en de ene heuvel na de andere op- en afmoet.


 

Twee laagjes

Maximaal probeerde ik te profiteren van bergafwaarts, terwijl ik heuvelop de korte passenroutine toepaste. Echt makkelijk was het niet. Wat ik vooraf al had gevreesd bleek waar. Twee laagjes thermo-shirt met lange mouwen boven lange tights zijn in deze omstandigheden – stralend zonnetje, tegen de tien graden, nauwelijks wind – te veel van het goede. Niet dat ik het smoorheet had, maar psychisch werkte het toch tegen me. Ik bedacht hoe mijn hart extra moest pompen om dat lichaam te koelen, terwijl dit toch full speed alleen voor de zuurstofvoorziening van zwoegende spiercellen zou moeten dienen. Slaat misschien nergens op, maar dat soort dingen denk je dan.
Toen ik eenmaal vanuit de duinen op het strand was beland moest het ergste nog komen. Want die strandopgang even verderop, dat is toch wel een killer. Hoe je hem ook neemt, je gaat kapot. Ik liep dan ook langzamer dan een wandelaar, met vertrokken gezicht, toen ik de top naderde, waar natuurlijk weer net iemand haar cameralens op me richtte.

Plaspauze

Ook toen ik weer op gang kwam wilde het niet vlotten. Weer ging ik even wandelen. Ik was nog net niet buiten adem, maar het leek er wel verdacht veel op. Ik besloot dat dit het goede moment was voor een plaspauze, had kennelijk toch even te veel gedronken van tevoren, hoewel ik een droge mond uit. Maar tijdens zo'n pauze kun je ook meteen even uitrusten. En dat moment voor mezelf, op een paar meter van het pad tussen de struiken (een voorbijloper riep raadselachtig 'Ja, tegen de geur op!') deed me wel goed. Ik wist de draad weer op te pakken en draaide verderop weer rechtsaf het bos in voor de tweede ronde. ,,Ziet er goed uit'', riep mede-organisatrice Selina Tool me na, en of het zo was wist ik niet, maar zoiets helpt toch. Iets van 27 minuten had ik hier en ik ging er dan ook van uit dat ik over de helft was, want in 50 minuten moest die tien kilometer toch lukken....

Visioenen


Ik bedacht me opeens dat het stuk dat je in de tweede ronde door het bos gaat minder lang is of lijkt en dat bleek ook zo te zijn want prettig snel waren we alweer bij Duinoord om vervolgens koers te zetten naar de duinen. Ik kreeg visioenen van opnieuw die heuvels, met dat giga-exemplaar ertussen, en opnieuw dat strand en die martelgang naar boven. Ruim van tevoren besloot ik die strandopgang te wandelen, om energie over te hebben voor het laatste stuk.
Maar eerst moest ik de duinen overwinnen. Wéér die lange halen bergafwaarts, en die korte passen naar boven. Had ik de eerste ronde tot vervelens toen Jason Mraz in mijn hoofd met 'I'm Yours', de tweede ronde deed ik vooral op het ritme van mijn ademhaling. Adem-in, adem-uit, -uit, adem-in, adem-uit, -uit.

 

 

Hijger

Achter me had ik eerst irritant dichtbij een hijger, maar toen ik opzij ging kwam hij er niet voorbij, dus besloot ik verder zonder nadenken het pad te blijven volgen. Wie me voorbij wilde moest er maar omheen. Ik merkte dat ik redelijk in het ritme zat, ook niet meer het gevoel had dat ik elk moment kon opgeven. Dat doen echte mannen natuurlijk niet, en het is ook eigenlijk bijna nooit gebeurd (behalve die hete zomeravond dat ik net bloed had gegeven). Je weet maar nooit wanneer de tweede keer is, maar nu kreeg ik er wat vertrouwen in. De opgang nam ik wandelend, zoals ik me had voorgenomen en dat ging niet top, maar ik voelde duidelijk dat ik nog wat puf over had toen ik eenmaal boven was. Dus kon ik met enige goede moed aan de laatste loodjes beginnen.

Negatief record

Ik wilde niet te vroeg gaan vlammen, maar toen ik eenmaal de linten zag die aangaven dat rechtsaf de finish wachtte ging ik lekker los. Ik stampte het voetbalveld op en vloog door de finish in netto 52.50. Een minuut later dan mijn slechtste tijd bij de duincross, ik heb zogezegd mijn negatieve record scherpgesteld, maar dat heeft misschien iets te maken met het feit dat het een iets ander en dus wellicht langer parcours was. Hoop ik....
Na de finish hing ik een paar minuten in de zon tegen het frame van een doel, terwijl mijn rechterarm door het net werd ondersteund. Ik zweer het, een bed kan niet lekkerder zijn!

 

Reactie?

Schrijf in het gastenboek

 of mail:

 molenaar@loopt.nl

 


Tig-heuvelenloop is de zwaarste cross

Zondag 2 december 2007. 'Watervogels', lees ik op het bord bij de ingang van het voetbalterrein in Den Helder waar de start van de Duincross is. Aha, denk ik. Dat verklaart veel. Bij voorbeeld waarom het net als vorig jaar zo onophoudelijk regent.

Jammer, maar niet getreurd. Een beetje loper weet dat regen na enkele minuten lopen hem al niet meer deert. En het heeft wel wat, zo'n gevecht met de elementen.
Hoewel ik nu een keer op tijd ben, goddank begint die cross pas om 12 uur, ben ik er niet helemaal gerust op. Gisteravond was ik uit, en niet bepaald zuinig met de bierconsumptie. Niet dat een doorsnee West-Fries wakker zal liggen van mijn drankgebruik, in tegendeel, maar de nul-optie is natuurlijk het best als je een sportprestatie in het vooruitzicht hebt. Dat was dus niet het geval, maar ik heb er gelukkig geen last van gehad. Bij nacht een man, bij dag een man, zei mijn moeder altijd. Een mevrouw bij de inschrijving vertrouwt me toe dat ze van meer deelnemers heeft gehoord dat die een avondje uit in de benen hadden.
Kolossale plassen
Afijn, inlopen, rekken, klaarstaan voor de start. En dan klinkt het schot, en merk je even later dat Watervogels ook de trotse bezitter zijn van enkele kolossale plassen op de tegelpaden.  Je ziet ze te laat, probeert er op je tenen doorheen te lopen en als je pech hebt krijg je alsnog in de eerste minuut al natte voeten omdat naast je iemand platvoets in de plas stampt. Gelukkig had ik die pech nu een keertje niet.
Na een kilometertje fietspad waar ik voor mijn gevoel te snel met de anderen meeliep denderden we het bos in waar het pad werd gevormd door bladeren die in verregaande staat van ontbinding waren. Maar het was gelukkig geen baggerzooi. Wel staken hier en daar boomwortels geniepig de kop op. Ik wist ze te ontwijken.
Het bos uit, de bocht om, omhoog, richting duinen. De route was veranderd. Niet meer linksaf de enorm hoge duinen langs de Jan Verfailleweg op, maar al vrij snel rechtsaf een circuit in dat zich kenmerkt door veel meer stijging en daling. Een soort tig-heuvelenloop. Aanslag op je conditie, indien aanwezig. Ik probeerde zo goed mogelijk mijn krachten te doseren, korte passen omhoog en lange omlaag.
Na een kilometer of vier naderen we het strand. Hoe zou het zand zijn. Onderweg zijn we hier en daar al mul zand tegengekomen, hier en daar badend in het regenwater.
Langs de duinen?
Dat voorspelt weinig goed, maar het valt mee. Dat het wind mee is had ik voor de start al gehoord, en na het rulle begin waar je voor mijn gevoel toch echt sneller overheen gaat met kleine pasjes en een 'licht' loopje, was het zand bij de vloedlijn hard genoeg. Het viel me direct op dat een aantal lopers meteen rechtsaf was gegaan en langs de duinen liep. Kennelijk was het strand daar hard genoeg, ik had er niet op gelet. Maar ik bedacht me dat dit toch gauw 200 meter scheelt. Nou ja, het was nu te laat. Na een kilometer strand bogen we richting duinen en merkte ik dat de klim wat mij betreft toch wel het moeilijkste deel van de tocht is. Een loop die als je afgaat op de lengte van bijna 10 km niet de zwaarste is. Want, zo las ik in de krant, de zwaarste lopen zijn het kortst. Nou, dat heb ik zeker verkeerd gelezen, want ik vind die duincross wel een van de zwaarste.

Together
Zo halverwege zijnde krijg ik wel een lekker ritme te pakken. Het nieuwste liedje van Bob Sinclar in mijn hoofd - 'One day, we'll be together. We'll never be apart. One heart, one miiiiiiiind' - loop ik lekker synchroon met mijn ademhaling. Het is niet warm, maar evenmin koud. Ik probeer ontspannen te lopen. In de duinen passeert een jongedame mij, later wordt ze aangesproken als Jeannette, die ik later weer inhaal. Maar als zij andermaal passeert vlak voor het strand kan ik niet anders dan achter haar blijven. Vlak na het strandpaviljoen buigt een loper direct rechtsaf, Jeannette ook. Ik herinner me dat ik benieuwd was of het vlak bij de duinen hard genoeg was en ga er achteraan. Nou, ik moet zeggen, hard was het niet. Zacht ook niet, maar ik was blij dat het maar een kilometer duurde, want tegen de tijd dat we weer omhoog mochten was ik er wel aan toe. Het rulle zand, de steile betonplaten, ik ging er maar bij wandelen. Wat een hellingpercentage! 50 Procent minimaal zou ik zeggen. Boven gekomen ga ik weer joggen, en probeer in mijn ritme te komen. Ik weet van vorig jaar dat het nu niet lang meer duurt. Maar je bent er nog niet, zeg ik tegen mezelf. Van verre hoor ik bij de bocht het bos in de toeschouwers juichen. Dat is toch wel gaaf, dat ze hier staan en niet bij de finish. Want hier heb je er nog wat aan. Ik herken Selina, die zelf voor zover ik heb begrepen niet kan meedoen wegens een blessure. Maar ze is er wel altijd en moedigt iedereen aan die ze kent. Dat zouden méér mensen moeten doen!
Sprint
Zodra ik door heb dat we bijna bij het voetbalveld terug zijn zet ik aan, maar Jeannette is al uit het zicht.Achter me hoor ik ook iemand sprinten. Ik vlieg over de finish in 50.24.47. Now we're talking businness, want da's een minuut sneller dan vorig jaar.
Toch eens wat vaker uitgaan op de avond voor een loopje!? 


 

Reactie?

Schrijf in het gastenboek

 of mail:

 molenaar@loopt.nl



3 december 2006

Stoempen naar het superstormstrand

Tis wel zwaar hoor, die Helderse Duincross, had mijn 'loopjuf' Ina Swinkels gezegd. Rul zand in de duinen, en rul zand op het strand. Ja maar, bij de vloedlijn zal het toch wel meevallen?, zei ik voorzichtig. Nee, zei Ina. O jee.

Toch maar gaan op zondag 3 december. Den Helder is toch altijd iets verder dan je denkt. Ik kwam er een half uur voor de start aan, kon weer eens niet direct vinden waar ik moest zijn en moest dan ook vanaf mijn auto langs vier voetbalvelden van FC Den Helder naar de Watervogelskantine lopen. In die volle voetbalkantine lag mijn nummer al klaar, dankzij mijn inschrijving via internet. Dat dan weer wel.

Betalen en wegwezen, ideaal. Ik hoorde tot mijn genoegen van iemand die de kortere afstand al had gelopen dat het strand hard was en dat je harde wind vóór hebt. Mooi meegenomen, al zei iemand anders die mijn opgeluchte gezicht zag direct dat 'je er wel eerst moet zien te komen'.

Ook nu moest ik helaas weer naar de wc - en niet als enige - zodat ik voor de start nog maar weinig tijd overhield voor warmlopen en rekken. Volgende keer toch iets ruimer nemen, waar heb ik dat eerder geschreven? Mijn knieën voelen wat onstabiel - gisteren nog tien kilometer rond Schellinkhout gelopen - en kunnen een beetje warming-up goed gebruiken.
Ik rekte nog wat diepe en gewone kuitspieren en legde een been op een hekje, om in elk geval psychisch warm te draaien, terwijl ik gespannen toekeek of mijn gps-horloge een fix zou krijgen. Dat lukte gelukkig vlak voor het startschot viel. Ik had het al niet meer verwacht, het duurt soms tien minuten voor hij weet waar hij is.
Ik stond helemaal achteraan de meute en moest me dus inhouden. Wat ook weer goed is. Want voor je het weet ga je te hard van start.

Verhard
We draaiden het complex af - sportpark De Streepjesberg of zoiets - en liepen zeker een kilometer over een verhard fietspad. Ik begon me al af te vragen waar het crosselement bleef, tot we linksaf het bos indraaiden. Lekker pad, en verbazingwekkend windstil. Voor me werd heel wat afgekletst. Ik haalde zes, acht mensen in, zei tegen mezelf dat ik daarmee moest oppassen. Het zou vast nog zwaarder worden. Ina's griezelverhalen over de martelgang op het mulle zand van duinen en strand lagen nog vers in mijn geheugen.
Ergens bij Duinoord kwamen we het bos uit, liepen een stukje langs een parkeerterrein en doken het duinterrein in. Op de asfalthelling er naar toe was al duidelijk dat hier een zuidwesterstorm in aanwas was. Pal tegen wind, die je de adem benam. Toen we het schelpenpad opdraaiden liep ik even in de luwte van een voorganger, maar hij ging me toch iets te langzaam en ik haalde hem in. Nou, heftig zwoegen! Heuveltje op, heuveltje af, nog een heuvel op, oppassen voor kuilen en rulle stukken, al waren die er gelukkig niet heel veel.

Het begon harder te regenen. Consequent ging ik over naar kleine pasjes als er weer een helling kwam. We zaten voor mijn gevoel op een berg. zo hoog. Met zo'n harde tegenwind dat je zo diep bukte dat je bijna voorover viel. Godallemachtig. Onder me zag ik alweer mensen voor de wind gaan. Ik had de neiging om af te snijden, maar wist die snel te onderdrukken. Voor me zag ik het keerpunt, het stond er met een bordje bij. Je ging daar ook meteen naar beneden, heerlijk. Grote stappen op het pad in het gras. Dan de duinen in, een fietspad over en een helling op waar je U tegen zegt. Hier waren kleine pasjes niet alleen handig, maar van levensbelang!

 

 

Eenmaal boven kon je weer een beetje bijkomen, kleine hellinkjes, wel rul zand hier en daar. Nog steeds redelijk voor de wind. Dan een lusje, een stuk fiks tegenwind en daar lonkte het strand al. Nou ja, lonkte, het zelfs 's zomers vervelende rulle stuk tussen duinpad en het eigenlijke strand was hier nog iets zwaarder doordat een zandstorm van links inkwam. Ik hield mijn hand als oogklep links om de striemende zandkorrels tegen te houden en probeerde mijn mond gesloten te houden. Dan kwam de beloning. Lopen op het strand, terwijl je voortgeblazen werd, tussen flarden van zand dat kniehoog voor je uit werd geblazen. Waar blijft al dat zand, vraag je je af, als dat zo lang naar één kant wordt geblazen? En wat zou het een doffe ellende zijn als je hier wind tegen had.

 
Gigagrote
 
Maar dat hadden we niet en ik ontdekte al snel dat je als je hakken-billen ging doen gigagrote stappen kon nemen waardoor het nog harder ging. Liep ik in de duinen op sommige plaatsen 9 km per uur, op het strand haalde ik zeker 16, zag ik op mijn horloge.

Helaas was het genot alweer snel over en mochten we weer steil naar boven, wat een nieuwe barricade bleek te zijn. Rust kan je redden, dacht ik. Ik nam stapjes en wachtte af tot we boven zouden zijn. Er volgde een fietspad tot we weer het bos indraaiden voor de volgende ronde.

Nu wist ik wat me te wachten stond. Wist ik dat de duinen hels waren, maar dat er een eind aan kwam. En wist ik dat op het strand de beloning wachtte, en dat ik er daarna al bijna zou zijn. Wie doet me wat?

Die arme medewerkers van Noordkop Atletiek, die op cruciale punten stonden om de weg te wijzen of ander verkeer tegen te houden heb ik bijna allemaal persoonlijk bedankt in het voorbijlopen. Mijn onderstel houdt zich ook keurig, ik voel niets bijzonders. Via een pad eindigen we tussen twee voetbalvelden bij de finish. 51 minuut 25 over 10 kilometer en 80 meter, bijna 12 kilometer gemiddeld. Geen idee of dat goed is in het algemeen, maar in het bijzonder is déze jongen heel tevreden!